Issam el Farissi in het nieuwe jongerencentrum.
Issam el Farissi in het nieuwe jongerencentrum. Foto: Bastiaan Miché

‘Uiteindelijk is de jeugd de toekomst van Nederland’

Issam el Farissi is 33 jaar, vader van twee kinderen, woonachtig in Alphen aan den Rijn en het gezicht van het nieuwe Jongerencentrum Bloemrijk - onderdeel van de multifunctionele accommodatie Bloemrijk in Hilversum-Zuid. Dat jongerencentrum op de eerste verdieping is inmiddels open.
Het gesprek met de jongerenwerker vindt echter een paar dagen voor die eerste openingsdag plaats. “Wij hebben al wel een paar testdagen gedraaid, waarbij een paar jongeren konden snuffelen. De televisie is inmiddels op een andere plek neergezet. Ook komt er nog een pooltafel. En ja, de reacties zijn leuk. De jongeren vinden het mooi, groot en er is veel lichtinval. Mensen zijn ook blij met het terras. Het is toegankelijk voor iedereen, lekker overzichtelijk en geen donker hol.”
Het jongerencentrum is iedere donderdagmiddag open - ‘s middag voor jongeren tot 16 jaar en ‘s avonds voor de jongeren boven die leeftijd. Een bewust onderscheid, vertelt El Farissi. In de ruimte is een bar (geen alcohol), WiFi, maar ook plekken om huiswerk te maken of (individueel) te praten met de jongerenwerkers.
Verder zijn er serieuze plannen om een studio neer te zetten, waarin de jongeren muziek kunnen maken. “Het buurthuis is nog bewust kaal. Wij willen dat de jongeren er zelf iets van maken en het hun buurthuis wordt. Misschien is het een idee om aan een muur een doek te hangen waar dan graffiti op kan komen. En dat je dan iedere drie maanden een ander doek ophangt. Zo blijft het ook voor iedereen netjes.”
Dat er binnen Bloemrijk - naast een kinderopvang, basisschool, consultatiebureau en wijkcentrum - ook een jongerencentrum is, is volgens de jongerenwerker eigenlijk niet meer dan logisch. Ook de jongeren in de buurt hebben immers een eigen plek nodig. “De grond heeft de gemeente voor 1 euro van de kerk gekocht. En bij de kerk zat een participatiegroep die zich hard maakte voor een plek waar jongeren samen kunnen komen.”
Zelf heeft El Farissi de brand in wijkcentrum de Lelie in 2017, die uiteindelijk leidde tot de bouw van Bloemrijk, niet meegemaakt. Hij werkte toen nog niet in Hilversum. “Ik ben hier drie en een half jaar geleden gekomen, heb sindsdien veel gesprekken gehad met de gemeente. Waar moet het jongerencentrum komen? Waar moet het aan voldoen? Dat soort vragen werden besproken. In theorie is dat altijd puzzelen, maar verrassend genoeg hebben alle betrokken partijen hun weg in het gebouw kunnen vinden. Wij werken goed samen. Dit jongerencentrum bijvoorbeeld wordt op dinsdagmorgen gebruikt voor moeder-en-kindtraining.”
El Farissi was 9 jaar toen hij van Marokko naar Nederland kwam. En nee, zegt hij, op school was hij zeker geen lieverdje. “Als ik iets vond, moest ik dat altijd meteen zeggen. Maar ik ben wel altijd iemand geweest die wanneer ik iemand kon helpen, dan graag deed. Het voelt voor mij ook als een plicht om dat te doen. Ik was vrijwilliger in de moskee en in het buurthuis. Daar hadden we dan de vrijdagavonddisco. De huis-dj werd later jongerenwerker. Hij was wel een voorbeeld. Ik kwam zelf als 15-jarige in de jongerengemeenteraad. Ik vond de politiek toen al interessant en het vooral belangrijk om je stem te laten horen. Ik heb toen heel veel met de gemeenteraad gesproken. Het was interessant om mee te praten over iets dat onze toekomst - de toekomst van de jongeren - bepaalde.”

Als jongerenwerker zit El Farissi niet alleen in het jongerencentrum. Hij komt ook bij de jongeren thuis en komt daar ook tal van problemen tegen. “Maar ik help de jongeren niet, ik ondersteun ze”, benadrukt hij. “Toen ik hier kwam was er heel veel negativiteit over de jongeren. Het probleem is ook dat wij als maatschappij meer probleemgericht zijn dan oplossingsgericht. De jongeren die ik opzoek zijn vaak heel gesloten. Maar die jongen kan niet zo zijn, die is zo gemaakt. Met mij kunnen zij het goed vinden. Ik snap hen, geef hen de ruimte, maar ik hoef het niet met hen eens te zijn. Het gaat erom dat wij met de tijd mee moeten gaan om jongeren te snappen.”
Van belang is vooral dat jongeren inzien wat zij, wanneer zij in de problemen komen, fout hebben gedaan, vervolgt de jongerenwerker. Vaak gaat het dan over schulden, maar in het ‘rijke’ Gooi komt El Farissi ook tal van andere problemen tegen. “Als je kijkt naar de wijken 1214 en 1215 in Hilversum-Zuid en je ziet de verschillen, dat is schrikbarend. Aan de ene kant van de straat heb je sociale huur en en aan de overkant staan huizen van een miljoen. De verschillen zijn echt heel groot.”
Veel bewoners van de sociale huurwoningen zijn laaggeschoold en hebben een uitkering, vervolgt El Farissi. Maar ook in de grote villa’s is genoeg problematiek, vervolgt hij. Eenzaamheid speelt daar een rol. “Alles waar ‘te’ voor staat is niet goed voor een kind. Je ziet dat kinderen rondlopen met een creditcard, maar ook daardoor ontstaan er problemen. Een kind heeft geen limiet. Kijk, een kind tot 8 jaar kun je vergelijken met gel. Die kun je dan nog kneden. Daarna komt de kleifase. Dan kun je het kind structuur geven. Vervolgens wordt het kind hard. Dan heb je een breekhamer nodig om hem te breken en kun je hem niet meer kneden. Dan wordt het kind door de straat hard gemaakt en dat is niet goed.”
Immers, vervolgt de jongerenwerker, wanneer een kind op een doordeweekse dag tot 23.00 uur ‘s avonds op straat rondloopt - arm of rijk - wordt hij ‘opgevoed’ op straat in plaats van thuis. “Ondertussen zijn de ouders vooral met zichzelf bezig. Wanneer het kind dan thuis zit, is hij alleen maar aan het gamen. Ondertussen hebben de ouders totaal geen grip erop met wie hij chat. Of het kind gaat dan de straat op; blowen of gokken. En als zo’n jongen dan geld heeft, wordt hij gebruikt.”

ADVERTENTIE

El Farissi doet verder ook aan ambulante begeleiding of coaching in allerlei plaatsen. Bijvoorbeeld in Bloemendaal. “Ik begeleid daar een jongen. Zijn ouders zijn multimiljonair. Hij woont in een kast van een huis. Alles wat die jongen wil, kan hij krijgen. Dat ging hij gebruiken op een verkeerde manier, omdat zijn ouders nooit nee zeiden. Anderen maakten daar misbruik van en zo kocht hij van alles om ergens bij te horen. Die anderen kochten niks. Dan merk je dat problemen bestrijden met rijkdom echt niet gaat lukken. Die ouders gaven spullen, geen liefde. Maar het enige dat een kind nodig heeft is liefde, materialisme is bijzaak.”
Zelf groeide El Farissi op in een gezin met vijf kinderen, vervolgt hij. “Wij hadden het echt niet breed. Tot mijn twaalfde gingen wij niet op vakantie. Maar liefde is de basis van alles. Hoe vaak eten kinderen nog aan tafel met hun ouders? Vaak zijn ouders te veel bezig met hun eigen problemen; hun baan, geld. Laatst werd mijn zoon twee jaar. Hij kreeg van de familie allerlei cadeaus. Hij heeft zich niet bekommerd om één cadeau. Dat de mensen er waren was het belangrijkste. De cadeaus waren bijzaak.”
Praat met je kinderen, is daarom ook de boodschap van El Farissi. Dat voorkomt een hoop gedoe. “Uiteindelijk is de jeugd de toekomst van Nederland. Als je niet investeert in wie ze zijn en je zet ze niet in hun kracht, dan ontneem je hun geluk. En een kind vindt het echt niet erg om ‘nee’ te horen, zolang hij of zij maar gelooft in iets. Vaak zijn ouders bezig met prestaties en het behalen van diploma’s. maar we missen als ouders zijnde de basis: het kind opvoeden.”
Toch benadrukt El Farissi vooral dat de jongeren het vooral zelf moeten doen. “Ook het buurthuis/jongerenwerk is maar een middel om bij jongeren het beste eruit te halen. Wij bieden mogelijkheden aan de jongeren en wij ondersteunen hen. Jongeren kunnen in vertrouwen hun shit bij ons uiten, maar de jongeren moeten het zelf doen. Ik heb jongeren meegemaakt die hun eigen grens overgingen en verslaafd raakten. Wij helpen ze om daarvan af te komen, maar ze moeten zelf zeggen dat ze niet meer verslaafd willen zijn.”

Tot slot doet de jongerenwerker een oproep aan de lokale politiek. Want - vindt hij - de stem van de jongeren wordt nog altijd te weinig gehoord in het grote, gele raadhuis. “Er is een jongerenbeleid in Hilversum, maar iedere wijk in Hilversum is weer anders. Eigenlijk heeft iedere wijk een eigen beleid. De afgelopen jaren is er weinig geïnvesteerd in de jeugd in deze wijk. Zij misten een ‘hometon’. Met het jongerencentrum hebben zij weer een uitvalsbasis. Dat is belangrijk. De jeugd is de toekomst van je stad, dorp of wijk. Gebruik alle middelen die je hebt om in ze te investeren.”

Issam el Farissi
Issam el Farissi