
‘We houden er zeker rekening mee dat dit in de toekomst kan gebeuren’
HILVERSUM Er is al 24 uur geen stroom meer, je kunt niemand bereiken en hebt geen idee wat er op dit moment speelt. Die situatie is donderdag en vrijdag gaande in en rond Wijkcentrum de Geus, dat voor deze proef is ingericht als noodsteunpunt.
De gemeente Hilversum en de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek houden donderdag en vrijdag een tweedaagse pilot met zo’n noodsteunpunt. Hier kunnen mensen terecht voor betrouwbare informatie en voor het doorzetten van noodmeldingen bij een grote storing of crisis, zoals langdurige stroomuitval.
De pilot in Hilversum maakt deel uit van een regionale verkenning binnen de veiligheidsregio’s Gooi en Vechtstreek en Flevoland. Elders in het land zijn er al proeven gedraaid met noodsteunpunten. In mei en juni volgen ook pilots in onder andere Noordoostpolder, Almere, Blaricum en Laren. Het is de bedoeling dat er volgend jaar in alle wijken noodsteunpunten moeten zijn. Voor Hilversum wordt gedacht aan een noodsteunpunt per vijfduizend inwoners. Voor alle duidelijkheid: een noodsteunpunt is dus geen opvanglocatie.
Het uitgangspunt blijft dat inwoners zich bij een noodsituatie zo lang mogelijk zelf redden, vertelt woordvoerder Frea ten Brink van de veiligheidsregio. “Hier bij de Geus is nu het scenario dat er 24 uur geen stroom meer is en mensen niemand kunnen bereiken. Ook wordt hier getest hoe je een noodmelding kunt doen. Want als je 112 ook niet meer kunt bereiken en je hebt mensen die wel in nood zijn, wil je kijken hoe je de hulpdiensten kunt bereiken.”
Maar landelijk moet er dus een heel netwerk van noodsteunpunten ontstaan, vervolgt Ten Brink. “Kijk, ik woon in Amsterdam, maar als ik in Hilversum aan het werk ben, wil ik ook hier terecht kunnen. En dan moet het ook herkenbaar zijn als noodsteunpunt. Dan moet je weten waar je terecht kunt. Dus moet het allemaal uniform zijn.”
Binnen en buiten het wijkcentrum in Hilversum-Oost zijn donderdag en vrijdag meerdere mensen werkzaam om mensen met een probleem, gespeeld door figuranten, bij te staan. Zij worden buiten ontvangen bij een tent waar algemene informatie in folders klaarligt. Eenmaal binnen worden zij ontvangen en eventueel doorverwezen naar de persoon die hen kan helpen of bijstaan.
Een van die mensen die de mensen in nood opvangt is Rode Kruis-medewerker Raiyo Defize. Zij is normaliter werkzaam in de regio Amsterdam-Amstelland waar binnenkort eveneens twee soortgelijke pilots plaatsvinden. En ja, deze pilot moeten wij zeer serieus nemen, geeft zij aan. “Wij houden er zeker rekening mee dat dit in de toekomst kan gebeuren. Het is immers ook al gebeurd in Europa.”
Verbeterpuntjes heeft Defize al wel opgeschreven. Het valt haar op dat iedereen die om hulp vraagt, wordt ontvangen in de grote ruimte. Daar is het lastig om rustig en een op een met iemand te praten. “Het is heel belangrijk om een op een met iemand te praten en niet dat er allemaal mensen omheen zijn die ook zichzelf noodzakelijk voelen. Dan kun je niet goed luisteren, want er gebeurt ontzettend veel om je heen. En je hebt geen privacy. Het is dan beter om een gezamenlijke ruimte te hebben en daarnaast een rustigere ruimte. Als mensen tegelijkertijd komen binnenlopen, wil je die op een rustige plek hebben.”
Bestuursleden Jan Slingerland en Ed Bakker van De Geus zien het allemaal om zich heen gebeuren. Het was Slingerland die enkele maanden terug de gemeente benaderde met het idee voor een noodsteunpunt. Dat het nu zover is, maakt beide mannen toch wel trots. Zij benadrukken echter ook dat het noodsteunpunt slechts een onderdeel is van het geheel. Mensen zouden ook al met hun buren, in het kader van zelfredzaamheid, dingen kunnen oplossen.
Wethouder Jacqueline Kalk neemt eveneens een kijkje in het noodsteunpunt aan de Geuzenweg en is tevens figurant. Zij is onder de indruk van wat zij ziet. “Je leert echt vreselijk veel van oefenen. Mijn situatie was dat er mensen vastzaten in de lift. Dat is best wel ernstig. Er kwam ook iemand binnen die riep ‘er wordt bij mij ingebroken’. Dat is vervelend, maar niet levensbedreigend of iets dergelijks. Maar als je dat niet oefent, weet je niet hoe je daarop reageert. En dat is de waarde van hoe het hier is opgezet.”
Het is na deze pilot zaak verder te onderzoek wat anders of beter kan. “Wij hopen dat het nooit nodig is, maar dat blijft natuurlijk altijd. Het is altijd goed om een beetje voorbereid te zijn. Het is natuurlijk iets dat wij totaal niet gewend zijn. Stel dat de stroom uitvalt. Dat kennen wij helemaal niet, hooguit een halve dag. Ik was deze week op vakantie in een gebied waar heel slecht internetbereik was. Dat was even wennen, maar dan ben je met vakantie. Dat is wat anders dan wanneer je hier alleen thuis zit. Dan is iedereen in paniek. Dat is de waarde dat je weet dat je hier naartoe kunt gaan, dat er mensen zijn die je opvangen, dat er mensen zijn die proberen het re reguleren en de rust terug te brengen. Dat is voor ons heel waardevol.”
